Autorijden in de USA
Het is voor Nederlanders geen probleem om in Amerika auto te rijden als je je maar aan een aantal andere verkeerregels houdt die hier gelden.
Er wordt in de Verenigde Staten onderscheid gemaakt tussen 3 soorten snelwegen:
Interstates:
Deze wegen doorkruisen het land van noord naar zuid en van oost naar west. De Interstates worden gekenmerkt door gescheiden dubbele rijbanen, het ontbreken van gelijkvloerse kruisingen, het ontwijken van de bebouwde kom en een beperkt aantal op en afritten. Op een aantal Interstates, de zogenaamde “turnpikes”, moet tol worden betaald. De benaming van Interstates begint met de letter i, plus een nummer. De even nummers lopen van oost naar west, de oneven nummers van noord naar zuid. De belangrijkste wegen hebben een tweecijferige code (bijv. i-14) en de verbindingen een drie cijferige (bijv. i-314), waarbij de laatste twee cijfers het nummer van de Interstate aanduiden waar de weg op uitkomt (in dit voorbeeld de i-14). De wegen rond de grote steden hebben vaak een driecijferig nummer, waarbij een even eerste cijfer betekent dat de weg door of om de stad loopt, terwijl een oneven cijfer juist de stad inleidt.
Highways:
Zijn snelwegen die meerdere staten doorkruisen. De highways bestaan uit 2- of 4-baans gescheiden wegen en houden het midden tussen een rijksweg en een provinciale weg.
State Highways:
Gelijk aan Highways maar ze worden door de afzonderlijke staten beheerd.
Hier geldt het motto ”keep your lane”. Het is toegestaan op de Interstates rechts inhalen (niet op de overige wegen). Dit zal in het begin even wennen zijn, dus goed in de rechter spiegel kijken. Dit zorgt schijnbaar voor een rustiger rijgedrag. De maximum snelheid voor personenauto’s en vrachtauto’s is gelijk. Uitvoegstroken kunnen zowel rechts als links van de weg afslaan. Wat behoorlijk vervelend hiet is, zijn de zeer korte invoegstroken op de Interstates, de auto’s gaan wel aan de kant voor je, maar wij Europeanen zijn gewend om bij het invoegen voorrang te verlenen en van invoegende auto’s voorrang te krijgen, hier is het dus omgekeerd.
Bij een kruising of zijweg kun je een aantal situaties tegenkomen:
- geen bord;
- een stop bord;
- een voorrangsbord;
- een verkeerslicht.
Als je een stopbord of voorrangsbord tegenkomt moet je stoppen/voorrang verlenen.
Staat er geen bord rijd je gewoon door.
Verkeerslichten spreken voor zich, erg simpel dus.
Er zijn geen borden die aangeven dat je op een voorrangsweg rijdt.
Op een en dezelfde weg kan het voorkomen dat je bij elke kruising verschillende voorrangssituaties tegenkomt:
- Gelijkwaardige kruisingen ( voorrang van rechts ) kom je in Amerika niet tegen. Dit soort kruisingen wordt hier met stopborden geregeld. In de meeste gevallen hebben alle wegen van de kruising een stopbord ( onder het stopbord kan dan een wit bord staan met de tekst 3-way, 4-way of all-way). Hier geldt, wie als eerst stopt mag als eerste doorrijden ( in volgorde van stoppen dus ). Als je allebei op precies hetzelfde moment komt aanrijden en tegelijk stopt, dan heeft verkeer van rechts voorrang. Deze regel geldt ook voor de voetgangers of fietsers, die hebben dus voorrang op een motorvoertuig. Binnen de bebouwde kom staat het stop teken bij een kruising op de weg gemarkeerd. Dit is in het begin ook wennen. Doorgaans stoppen alle Amerikanen als ze op dit deel van de kruising aan rijden. Ook als er niets van rechts of links aankomt. Als er dus niets op jouw deel van de kruising staat, heb je altijd voorrang.
Als er bij een T-splitsing geen stop of voorrangsborden staan heeft het verkeer op de doorgaande weg voorrang.
Gebodsborden of regulerende borden (in Europa de ronde met een rode rand) zijn hier wit en vierkant of rechthoekig met zwarte letters. Gele borden zijn advies of waarschuwingsborden. Verder zijn er nog Informatieborden, Freewayborden en Toeristenborden.
Rechts afslaan bij een verkeerslicht dat op rood staat is toegestaan tenzij er een wit bord staat met de tekst: ”No Turn on Red”.
Als een kruising verkeerslichten heeft, dan geldt hetzelfde als in Europa (behalve afslaan door rood natuurlijk). De verkeerslichten staan aan de overkant van de kruising. Als je licht op rood gaat, springt het aan de andere kant meteen op groen. Er zit dus geen pauze tussen, zoals in Nederland, en dus is het niet aan te raden om nog net door rood te rijden. Het is nu wel in sommige steden dat er een zg. Vertraging op de stoplichten zit als er iemand toch door rood rijdt. Soms worden de normale verkeerslichten uitgeschakeld en knipperen de lichten. Een rood knipperend licht betekent hetzelfde als een stop bord, dus voorrang verlenen. Een oranje knipperend licht betekent hetzelfde als geen bord, je hebt dus voorrang.
Als er een schoolbus stil staat op de weg met rode knipperende lichten dan moet je met voldoende afstand achter de bus wachten. Verkeer uit te tegenovergestelde richting moet vóór de bus wachten, tenzij er een middenberm is, dan hoeft het tegemoetkomende verkeer niet te wachten. Hierop wordt streng gecontroleerd en bij overtreding streng opgetreden.
De snelheid hier wordt aangegeven in Mph ( Miles per hour ) 1 Mile is 1.6 Km. Maximum snelheden staan bijna altijd aangegeven. Binnen de bebouwde kom kan het vaak veranderen van 25 MPH naar 30 naar 40 naar 45 en terug naar 35, dus je moet erg goed opletten. Op de Highways is de maximumsnelheid 55 of 65, verschilt per staat. Op de interstate highways verschilt de maximum snelheid van staat tot staat. Meestal tussen 65 en 75.
De ”Center Left Turn Lane” is een soort neutrale rijstrook die met doorlopende gele strepen wordt gescheiden van de beide weghelften waarvan zowel gelijk oprijdend als tegemoetkomend verkeer gebruik moet maken. De middenbaan stelt linksaf slaand verkeer in staat om vaart te minderen, te stoppen en te wachten tot het kan oversteken zonder daarbij het doorgaande verkeer te hinderen. Je mag op deze baan maximaal 200 feet ( 60 meter ) rijden voor je afslaat naar links. Als je uit een zijstraat linksaf een weg met een Center Lane oprijdt moet je gebruik maken van de Center Lane om snelheid te maken. Op zich is het een mooi systeem, maar het is wel even wennen aan het feit dat op deze middenbaan ook verkeer tegemoet kan komen, omdat beide weghelften gebruik maken van de middenbaan.
De brandstofprijzen zijn in Amerika nog steeds een stuk lager als in Nederland. De prijzen zijn per gallon (3.78 Liter) en liggen ongeveer tussen de $ 2.21 en $ 3.57 ( gemiddeld $ 2.84 ). In de grote steden liggen de prijzen lager als in de afgelegen dorpjes. Zelfs in de steden heb je grote prijsverschillen van pomp tot pomp. Het gemakkelijkste is om met je creditcard te tanken, je hoeft dan nog niet eens de shop in. Zorg dat je je tank vol houdt in de afgelegen gebieden, hier kunnen de tankstations ver van elkaar liggen.
Heel veel rijplezier in een over het algemeen fatsoenlijk rijdend Amerika!





American Dollar Converter

